De oorlog tussen Iran en de VS hadden het omgekeerde tot gevolg; snel stijgende energieprijzen maakte de burger bewust van zijn kwetsbaarheid op energiegebied voor geopolitieke spanningen. Met als resultaat dat de vraag naar zonnepanelen en warmtepompen weer een sterk herstel liet zien.
Achterstand
Het herstel van de vraag en sowieso de belangstelling voor verduurzaming is niet evenredig verdeeld over woning bezittend Nederland.
Zo loopt de verduurzaming van koopappartementen duidelijk achter bij die van eengezinswoningen. In 2024 gaf slechts 47% van de eigenaren van koopappartementen aan, dat er in de afgelopen 5 jaar energiebesparende maatregelen zijn uitgevoerd aan hun woning of aan het complex. Niet minder dan 72% van de eigenaren van eengezinswoningen meldde in dezelfde periode energiebesparende maatregelen genomen te hebben.
De vergelijking wordt nog ongunstiger als het gaat om maatregelen die de schil van de woning raken. Met de schil bedoelen we de vloer, de gevel en het dak. Pakweg 36% van de eigenaren van eengezinswoningen liet gevel en/of vloer en dak isoleren en plaatste dubbel glas. Bij koopappartementen bleef dat percentage steken op de helft.
Echter, naarmate het energielabel van de woning lager was, werd de bereidheid om in verduurzaming te investeren groter. Bij een energielabel E of minder nam niet minder dan 60% van de woningeigenaren maatregelen om de woning energiezuiniger te maken. Bij koopappartementen beliep dat percentage iets meer dan 40%. Evenals bij de eengezinswoningen worden vooral de minder energiezuinige appartementen onder handen genomen. Zie figuur 1.

Opvallend is dat appartementseigenaren vooral het eigen appartement verduurzaamden. Zo is vervanging van de CV-ketel erg populair en ook het plaatsen van dubbelglas. De Verenging van Eigenaren (VvE) lijkt in dezen maar een beperkte rol te spelen. Een kleine minderheid van 12,6% geeft aan dat de eigen woning verduurzaamd is vanwege afspraken binnen de VvE.
Waarom verduurzamen
De genoemde motieven om te verduurzamen zijn gelijk voor huiseigenaren en eigenaren van appartementen. De accenten verschillen echter. Huiseigenaren willen vooral hun energierekening omlaag brengen, terwijl in het geval van appartementen maatregelen veelal toch al nodig waren vanwege achterstallig onderhoud.

Misschien is het achterstallig onderhoud ook wel een indicatie dat er bij koopappartementen een mismatch bestaat tussen het maken van plannen en het daadwerkelijk uitvoeren van die plannen. Zo is meer dan 60% van de eigenaren bereid om energiebesparende maatregelen te treffen, maar slechts 27% denkt dat binnen de komende twee jaar te doen. De VvE’s spelen niet bepaald een voortrekkersrol. In slechts 11% van de gevallen hebben zowel de VvE als de eigenaar plannen.
Er lijkt bij eigenaren en VvE’s een gebrek aan ambitie. Veelgehoorde verklaringen zijn onder meer, dat ‘men er nog niet aan toegekomen is’. Ook is er een gebrek aan kennis over en inzicht in de mogelijkheden tot verduurzaming. Er is echter ook onwil bij VvE’s om tot actie over te gaan. Althans, dat claimen eigenaren van minder energiezuinige appartementen. Misschien heeft die onwil weer te maken met een groot verschil tussen wensen en financiële mogelijkheden. Dat bevordert bepaald niet een kordate besluitvorming. Die wordt toch al bemoeilijkt door de mix van eigenaar-bewoners en verhuurders binnen de VvE’s. De laatste groep is minder geneigd te investeren in verduurzaming. En dan is er nog zoiets simpel als een geringe organisatiegraad. Dat geldt vooral voor de kleinere VvE. Daar gaat elke eigenaar vooral zijn eigen gang.
Last but not least. Financiën spelen uiteraard een grote rol. Verduurzamen kan flink in de papieren lopen. Natuurlijk staan tegenover de kosten ook baten, zoals een lagere energierekening. Het is voor sommige eigenaren echter de vraag of de energierekening bijvoorbeeld voldoende omlaag gaat. Die vraag speelt vooral als er een lening aangegaan moet worden. Dat laatste doet men trouwens liever niet. Slechts een kleine minderheid van 12% is de afgelopen 5 jaar een lening aangegaan.
Liever verduurzaamt men uit eigen middelen. In dat opzicht lopen eigenaren van koopappartementen duidelijk achter bij eigenaren van eengezinswoningen. Bijna 20% van de eigenaren van koopappartementen heeft een beneden modaal inkomen tegen slechts 10% van de eengezinswoningen. Ze hebben ook vaak minder vermogen. Ruim 30% van de appartementseigenaren heeft minder dan Euro 20.000 aan spaargeld. Dat geeft aan, dat die eigenaren met de nodige omzichtigheid moeten investeren.

De mindere financiële positie van een grote groep eigenaren maakt aannemelijk dat zij evenmin voor een stevige verhoging van de servicekosten zijn om de VvE meer slagkracht te geven. Een dergelijke opstelling van een grote minderheid onder eigenaren (45%) staat een verduurzaming van het hele complex (de schil) in de weg. Ook voor het afsluiten van een lening voelt de grote minderheid weinig. Waar die aversie op gebaseerd is, blijft raadselachtig. Misschien is die minderheid gewoon niet op de hoogte van wat er allemaal mogelijk is.
Tenslotte
Hoe het ook zij, er zal nog heel wat water naar de zee vloeien voordat de mismatch tussen plannen en daad opgeheven is. Daarbij is duidelijk dat een gebrek aan financiële slagkracht een belangrijke sta-in-de-weg is voor verduurzaming van de eigen woning/appartement. Als dan ook het rendement in de vorm van een lagere energierekening in gevaar komt, dan wordt de investeringsbereidheid al snel nog kleiner. Het besluit om de salderingsregeling af te schaffen met ingang van 2027 is daarmee een typisch voorbeeld van penny wise, pound foolish.
Bron: RaboResearch, Eigenaren koopappartementen lopen stevig achter bij verduurzaming. Oktober 2025